Toespraak Wouter van der Weijden

 

Auke Bijlsma in de Zuiderkerk, 30 maart 2012

Ik moet om te beginnen Liduine Zumpolle verontschuldigen. Zij is in Colombia, waar ze belangrijk werk doet rond de FARC*.  Ze had willen komen, maar Auke heeft haar gevraagd in Colombia te blijven.

Auke en ik kwamen in 1964 aan als biologiestudent aan de Vrije Universiteit. Ons jaar bestond uit 20, later 21 mensen. Van hen is er één overleden in 1998, en één zeer recent, op 26 februari j.l. Auke overleed precies een maand later. Hij had een bijzondere plek in ons jaar.

In ons eerste jaar viel Auke op als een onstuimige student met grote prestatiedrang, die soms letterlijk zijn ellebogen gebruikte. Al snel kwam een andere kwaliteit van hem naar voren. Wij moesten voor onze studie veel planten en dieren tekenen, vanuit het idee dat tekenen een methode is om goed waar te nemen. Auke bleek een begaafd tekenaar met scherp oog voor detail en met kunstzinnig talent. Hij werkte vaak door als iedereen al naar huis was en maakte de beste en mooiste tekeningen van ons allemaal.

Auke koos niet voor de gemakkelijkste weg. Toen we plantensoorten moesten leren, legde hij zich toe op grassen, een notoir moeilijke groep om te determineren. Toen wij samen later naar Leiden gingen voor een bijvak ecologie  - we leerden daar Soemini Kasanmoentalib kennen - deden we veldwerk in de duinen. Toen koos Auke voor de kevers, opnieuw een notoir lastige groep. Ook in het lab was hij een uitstekend onderzoeker die met grote precisie te werk ging.

Eerder al maakten we kennis met Auke’s sociale kanten. Hoogtepunt was zijn initiatief om een zeilweekend te organiseren in Grouw, Friesland. Later werden dat fiets- en wandelweekenden in Vlieland. Toen Auke in 1969 dat initiatief nam kon niemand van ons vermoeden dat deze weekenden door zouden gaan tot 2011 en later.

Op zo’n weekend kon je Auke zien veranderen. Ik reed de laatste jaren vaak met hem mee en op de heenweg was hij dan vaak gestresst, had luide kritiek op van alles en nog wat en reed hard - hij had van die VVD-dagen. Op de Afsluitdijk hebben we wel eens 170 km per uur gereden om de boot te halen. Maar tijdens het weekend werd hij rustig. Een paar jaar terug ontdekte een jaargenoot van ons een zeldzame vlindersoort. Daar zijn wij achteraan gegaan en we vonden hem ook. Zulke simpele dingen gaven hem rust. 

Ik heb Auke wel eens krachtig moeten afremmen. In 1974 werkten wij aan het verslag van ons Leidse onderzoek. In diezelfde tijd liepen de spanningen in de Nieuwmarkt op. Auke stond onder zware druk vanuit de buurt om meer tijd in de acties te stoppen. Ik heb toen forse tegendruk uit moeten oefenen. Auke vond een geheim adres in de Leidsestraat waar we een zolder mochten gebruiken om ons verslag te schrijven. Het was onze enige manier om nog een keer af te studeren en het heeft gewerkt.

Ik heb in Auke’s leven diverse roden draden gezien. Ik noem er vier.

Rode draad nr 1 was zijn liefde voor de natuur. Die had hij van zijn vader. Auke zocht en beschermde kievitseieren (aisykje) en bouwde zo een relatie met de vogels op. Hij kon uren over de Waddenzee staren en er ook uren in zwemmen. De biologiestudie was een logische keuze. Na zijn studie werd hij secretaris van het NIBI - de beroepsvereniging van biologen - en nog weer later coördineerde hij de programma’s voor zeeonderzoek van NWO.
In 2007 heb ik met Auke een bootreis gemaakt van Schotland naar Spitsbergen. Ik heb hem nooit zo zien genieten als op die reis. Eén keer bleef Auke’s avonds laat alleen achter op de brug om over de oceaan te staren en een praatje te maken met de Russische kapitein (hij was zelf ook kapitein geweest op een kleine boot). Twee weken geleden noemde hij deze reis nog “een peak-ervaring”. 
Ook in de stad zag hij - en hielp hij - natuur. Hij was onder de indruk van de sperwer die op de hijsbalk boven zijn raam een vogel plukte. Na een ziekenbezoek in oktober mailde ik hem dat ik op de Zwanenburgwal een bosuil had gehoord. Hij antwoordde meteen dat hij dat prachtig vond en de bosuil al jaren niet meer had gehoord. Nog op zijn sterfbed genoot hij van de zang van de merel bij zijn raam.
Hij vertelde me ook dat hij onder de indruk was van de begraafplaats Highgate in Londen. Daar lieten ze de bomen gewoon vergroeien met de graven.

Rode draad nr 2 was Auke de wereldverbeteraar. Dat begon al tijdens de biologiestudie. Het studieprogramma moest op zijn kop, studenten moesten medezeggenschap krijgen en het onderzoek moest meer worden gericht op maatschappelijk problemen, met name natuur, milieu en het landschap van het Groene Hart. Waar hij ook kwam, Auke zag overal verbetermogelijkheden en voelde zich daar ook nog vaak verantwoordelijk voor.

Rode draad nr 3 was soms vermakelijk: Auke’s chauvinisme. Tijdens onze studie vertelde hij dat hij de krant op maandag altijd snel uit had: er stond immers veel sport in. Voor mij onbegrijpelijk, want ik las dat bijna allemaal. Wie schetst mijn verbazing toen Auke in augustus 1996 de Olympische Spelen op de voet bleek te volgen. Na enige tijd kwam de aap uit de mouw: het Nederlandse volleybalteam won een gouden medaille en de coach van dat team was een Fries….

Rode draad nr 4 was Auke’s veelzijdigheid. Hij switchte moeiteloos van een detail naar de biosfeer en terug, van de stad naar het platteland, van de stad naar de natuur en van wetenschap naar de beeldende kunst. En hij wist die zaken vaak met elkaar te verbinden.

Eén keer heb ik mij ernstig op Auke verkeken. In 1986 belde Petra mij op. Auke zou binnenkort veertig jaar worden en ze wilde dat vieren met een optocht door de Nieuwmarkt en een huldiging in buurthuis De Smederij. Of ik daar ook wat wilde zeggen… Ik viel helemaal stil en dacht: dit vindt Auke afschuwelijk. Hij had mij altijd voorgehouden dat het niet om de persoon ging, maar om de zaak. Ik zei dat in bedekte termen tegen Petra. Ze raakte even aan het twijfelen, maar zette toch door. En wat bleek? Auke vond het prachtig! Ik dacht nog: nou, daar ben ik aardig ingetuind. Tja, wij mannen denken vaak dat we elkaar kennen, maar dat is natuurlijk onzin.

Vandaag hebben we Auke ter aarde besteld. Bij Auke moet je “aarde” met een hoofdletter schrijven: het Systeem Aarde. Daar had hij ontzag voor, was hij door gefascineerd en maakte hij zich toenemende zorgen over. In ons afscheidsgesprek vertelde ik hem dat ik een lezing had bijgewoond van een Australiër die betoogde dat het rampenscenario van de Club van Rome niet overdreven is, of iets van de toekomst, maar feitelijk al is begonnen. Auke was gelijk geïnteresseerd en vroeg me zelfs nog om een kopie! Ik zei dat ik me afvroeg hoe de wereld op de crisis zal gaan reageren: samen de schouders er onder? Of nationalisme? Auke zei dat er nog iets anders zou gaan gebeuren: onderdrukking van de feiten en de wetenschap. Als voorbeeld noemde hij het voorstel van een kamerlid om de financiering van het KNMI stop te zetten. Let wel: dit voorstel kwam niet van een splinterpartij maar van de grootste politieke partij van Nederland.
U vraagt zich misschien af: moet dat nou op deze afscheidsbijeenkomst? Maar ik kan u verzekeren dat Auke er helemaal achter staat dat ik deze waarschuwing aan u doorgeef.

Vorig jaar op 17 mei, na ons weekend op Vlieland, stuurde Auke ons een mail die eindigde met de woorden:
Ik heb het weekend vooral de zaterdagavond ervaren als een warm samenzijn en we mogen ons gelukkig prijzen zo’n jaar te hebben. Ik heb genoten.
Dat was voor Auke geen gewone mail. Ik denk dat hij heeft gevoeld dat het voor hem misschien de laatste keer was geweest.
Wij gaan door met onze jaarweekenden. Ik weet niet hoe lang nog, maar ik weet wel dat Auke ons nooit meer zal loslaten. We hebben allemaal levenslang.

Auke was vergroeid met Friesland, Amsterdam, de Nieuwmarkt, de PvdA, onze groep biologen, en zijn vrienden en vriendinnen. Vandaag is hij herenigd met zijn grote liefde Petra. Maar ook met zijn andere liefde: de natuur. Daar heeft hij vrede mee. De boom die op het graf stond, mocht tot Auke’s verdriet niet blijven. Maar Auke stond er op dat de boom in leven zou blijven, dus is hij verplaatst. Binnenkort komt er een door Marijke de Goey ontworpen grafmonument. Als er dan straks gras op het graf groeit, dan is het goed.


Noot

*  Liduine mailde mij: “Het was - na zoveel jaar - tenslotte heel onlogisch dat ik niet bij Auke's einde was. Maar een leven lang gepokt en gemazeld in hetzelfde activisme - deels op verschillende continenten -was hij de eerste die vond dat 'k moest blijven waar 'k was - want een leven op het spel van een klokkenluider: een van ''onze'' gedemobiliseerde ex-commandanten die op mijn instigatie een doekje open deed, inzake schaamteloos overheidsbedrog en corruptie op gebied van zogenaamde demobilisaties, en daarvoor als dank door het OM het gevang werd ingedraaid, zgn. om veiligheidsredenen. Als ik als enige internationale monitor het land zou verlaten - wat men vanuit de macht hier beoogt - zou het onmiddellijk afgelopen zijn met hem".